| Luchtvaart Radio's |
* Plaatsing en gebruik van radio-installaties.
De plaatsing en het gebruik van radio-installaties aan boord van vliegtuigen en andere luchtvaartuigen zijn onderworpen aan wettelijke voorschriften. Zo moet de radio-uitrusting het voorwerp uitmaken van een zendmachtiging en moet de gebruiker beschikken over een getuigschrift.
Zowel voor het oprichten als het inwerkingstellen van een radiozendinrichting aan boord van een vliegtuig of ander luchtvaartuig is een Machtiging vereist afgeleverd door het Belgisch Instituut voor Post en Telecommunicatie (BIPT). Deze machtiging is een document dat zich verplicht aan boord van het vliegtuig moet bevinden. De voorwaarden voor het gebruik van de radio-installatie vermeld op dit document hebben vooral betrekking op de geheimhouding van de berichtgeving en de verplichting de gevoerde gesprekken te noteren in een logboek. Het noteren van de radiogesprekken gevoerd door een piloot aan boord van een vliegtuig wordt niet toegepast. De luchtverkeersdiensten houden de op band opgenomen radiogesprekken bij voor een periode van minstens 30 dagen.
"Beperkt bewijs van Radiotelefonist"
Om een radio te mogen bedienen aan boord van een luchtvaartuig moet de operator beschikken over een Beperkt bewijs van Radiotelefonist. Het is beperkt omdat het alleen de toestemming verleent om gebruik te maken van de frequenties toegewezen aan de mobiele luchtvaartdienst. Het Beperkt bewijs van Radiotelefonist wordt verkregen na:
* het afleggen van een examen ingericht door het Bestuur van de Luchtvaart;een eedaflegging met betrekking tot de geheimhouding van de berichtgeving.
* De uitreiking van dit getuigschrift wordt bevestigd door een inschrijving op de vliegvergunning. |
|
|
|